.
...............THÜRINGEN

.Duitslands mooiste dagwandelingen:. Thüringen

Klikbare namen op de kaart.



1NationalparkHainich

.
Nationalpark Hainich:

Rijd naar het Nationalparkzentrum Thiemsburg.
Bij zo'n bezoekerscentrum wil men de wandelroutes routes nog wel eens wijzigen. Vraag daarom ter plaatse wat op dat moment mogelijk is. Mijn suggestie in 2020 was als volgt:


1. Tentoonstelling in het bezoekerscentrum:

Hier heeft men een interactieve tentoonstelling over de inheemse flora en fauna 

www.nationalpark-hainich.de


2. Waldpromenade: .1,2 km

"Promenade" bezeichnet einen Spazierweg mit Flanierqualität, der in allererster Linie dem Lustwandeln dient.

www.nationalpark-hainich.de

https://nl.bergfex.com/sommer/thueringen


. Waldpromenade 1,2 km




3. Baumkronenpfad (= boomkroonpad):

Ein Ausflug in die geheimnisvolle Welt der Baumwipfel
(Kron en Wipfel betekenen allebei kroon (= alle takken van een boom tezamen).

www.nationalpark-hainich.de....


Bij het Nationaal Park centrum in Thiemsburg ligt het 530 meter lange boomkroonpad met uitkijktoren
.

Het boomkroonpad heeft naast wegen ook hangbruggen.
In de uitkijktoren biedt het diorama informatie over de geschiedenis van het bos en het nationaalpark.


Zu erkunden sind ein Baumturm mit Baumhaus, mit 44 Metern weit über die Wipfel (kronen) der Bäume ragend, und ein Pfad der sich auf einer Länge von 530 Metern vom oberen Stammbereich bis zu den Spitzen der Baumkronen schlängelt.
Unterweg gibt es viel Interessantes zu erfahren.
Besonders beeindruckend ist der Ausblick über Naturwald und Umfeld.


. Een klein gedeelte van het boomkroonpad gezien vanuit de uitkijktoren die 44 m hoog is.


4. Naturpfad Thiemsburg: . 4 km

Markering in het terrein: eikeblad.

Der kurze Rundweg ist die ideale Ergänzung vor oder nach einem Besuch auf dem Baumkronenpfad und den Ausstellungen im Nationalparkzentrum. Das erste Wegstück bis zum Erlenbruch teilt sich der Naturpfad Thiemsburg mit der Waldpromenade.


www.nationalpark-hainich.de/

https://nl.bergfex.com/sommer/thueringen


. Naturpfad Thiemsburg 4 km

Vom Parkplatz "Thiemsburg" aus, vorbei an der "Alten Eiche", dem mit 5,45 m Umfang
(omtrek) dicksten Baum im Nationalpark, wandert man durch artenreichen Laubmischwald mit einem Erlenbruch und historischen Grenzsteinen.
Am Steingraben sind prächtige Mäander und interessante Baumformen zu sehen.


5. Eichenbergweg: . 3,5 km

Markering in het terrein: eikel.

Ein Spaziergang auf dem Eichenbergweg gibt Besuchern die Gelegenheit, die abwechslungsreichen Laubwälder des Hainichs kennen zu lernen.

www.nationalpark-hainich.de

https://nl.bergfex.com/sommer/thueringen


. Eichenbergweg 3,5 km

Deutlich sind die Besonderheiten eines naturnahen (natuurlijk) Waldes zu erkennen, wie z.B.
- Bäume unterschiedlichen Alters,
- Totholz und
- eine bunte Mischung einheimischer Laubbäume
(z.B. Hainbuche, Eiche, Elsbeere).
Besonders wohl in diesem Wald fühlt sich der Mittelspecht.


6. Rundwanderung: Zum Düsteröder Teich


6,4 km


Lichte wandeling

. Markering in het terrein: goed.

. Rondwandeling vanaf Wanderparkplatz an der Thiemsburg.

Drinkwater plannen.

Deze wandeling is de samenvoeging van de vorige twee:
4. Naturpfad Thiemsburg en 5. Eichenbergweg


Het eerste gedeelte van deze route valt samen met het Naturpfad Thiemsburg en het tweede deel met het pad Eichenbergweg

Wir überqueren die Strasze und passieren das Forsthaus, das Baumhaus und das Nationalparkzentrum.
Dort nutzen wir den Naturpfad Thiemsburg (Markierung Eichenblatt)
(Het eerste stuk valt dus samen met het Naturpfad).
Wenig später erreichen wir die Alte eiche, und so weiter.

Alte Eiche ( 0,5 km)
Braut & Bräutigam (0,9 km)
Düsteröder Teich (1,9 km)
Weberstedter Kreuz (3,2 km)
Erholungsbuche (4,2 km)
Steingraben
Thiemsburg (6,4 km)


Verder wandelen:
www.kultur-liebt-natur.de/nl/natuur/

https://nl.bergfex.com/sommer/thueringen


Wandelinfo:


Rother Wanderführer
'Thüringen Mitte/Nord'
Sabine Gilcher,
Bergverlag Rother


De wandelgids is te bestellen bij:
Reisboekwinkel de Zwerver
(webshop voor reisgidsen en landkaarten) 


Nationalpark Hainich: achtergrondinfo

Het belangrijkste doel van het park is om het inheemse beukenbos te beschermen.
Naast de dominerende beuk (Fagus sylvatica) concurreren meer dan 30 loofboomsoorten om een plaats onder de zon. Daaronder vrij veel Gewone es, Gewone esdoorn en Haagbeuk.
In het oude bos leven veel verschillende diersoorten, waaronder maar liefst 7 spechtensoorten en de erg schuwe Europese wilde kat (Felis silvestris).

Der Nationalpark Hainich ist ein unbewirtschafteter (dus géén houtoogst) alter Buchenmischwald mit bis zu 250 Jahre alten Bäumen.
Der Nationalpark Hainich schützt auf 7.500 ha den typischen Mittelgebirgsbuchenwald auf Kalkgestein.
Als Hauptbaumarten treten neben der Rotbuche
(Beuk) vor allem Berg-Ahorn (Gewone esdoorn), Gemeine Esche (Gewone es) und Hainbuche (Haagbeuk) in Erscheinung.
Auf 5.400 ha des Nationalpark wächst Laubwald.
Das ist die größte nutzungsfreie 
(geen houtoogst) Laubwaldfläche Deutschlands.
Im Gegensatz zu vielen anderen Waldgebieten Deutschlands und Mitteleuropas sind im Hainich die Waldbestände trotz Jahrhunderte langer Nutzung relativ naturnah (natuurlijk) geblieben. Naturfremde Bestände nehmen nur geringe Anteile ein – so beträgt im Nationalpark der Nadelholzanteil nur ca. 3 % der Gesamtfläche.
„Was für ein Wald bot sich hier unseren Augen dar: Riesige Rotbuchen (Beuken) reckten ihre gewaltigen Äste den Himmel; dazwischen Berg-Ahorn (Gewone esdoorn), Gemeine Esche (Gewone es) und Hainbuche (Haagbeuk) von nicht geringeren Dimensionen.
In diesem Wald durften Bäume eines natürlichen Todes sterben und das war für unsere an Wirtschaftsforste gewöhnten Augen das Besondere.“
Der Wald zeigte „urwaldartige Züge: Schiefe, krumme Baumgestalten, Zwillinge, Drillinge und andere Mehrlingsgruppen,
die im ordentlichen Forst normalerweise bereits im Jugendalter beseitigt werden, … gebrochene Veteranen, die im Sturz ihre Nachbarn gestreift, verletzt oder niedergeworfen hatten.  Alte Stämme in unterschiedlichen Stadien der Zersetzung
(afbraak; vertering) lagerten kreuz und quer, manche mit dicken Mooslagen, wie wir sie in deutschen Laubwäldern bisher nie gesehen hatten.“ 


Verdere info:

www.weltnaturerbe-buchenwaelder.de

https://www.nationalpark-hainich.de/de.html

thueringen.nabu.de/natur-und-landschaft/


. In de kernzone van het nationale park ontwikkelt zich langzaam uit het voormalige productiebos een natuurbos met daarin oude bomen en veel groot dood hout (staand - en liggend).


Nationalpark Hainich is een Naturwald


Vroeger was het een cultuurbos (productiebos), maar men is met de houtkap gestopt en daardoor is het nu een natuurbos.

Naarmate de mens invloed uitoefent op de boomlaag, onderscheiden we als uitersten
1. cultuurbos (productiebos) en 2. natuurbos.


1. Cultuurbos (productiebos).
...... ( 99 % van alle bos in Nederland.)

houtoogst: ja.
boomsoorten: s
lechts één of enkele, dikwijls niet aangepast aan de standplaats
(exoten) ,
leeftijdsopbouw: in ieder perceel bomen van dezelfde leeftijd (jong).
dood hout: geen.

.

Een productiebos is eigenlijk geen bos, maar een aantal 'houtakkers'. Hier staat houtteelt voorop. Meestal wordt in een perceel slechts één (of enkele) boomsoort(en) aangeplant. Ze zijn dus allemaal van dezelfde leeftijd. Daarbij heeft men de voorkeur voor rechte, snelgroeiende naaldbomen. Het beheer van deze 'houtakkers' bestaat uit een reeks dunningen totdat de eindopstand is bereikt. Deze eindopstand (bomen met een middellijn van maximaal 60 cm) wordt gekapt en de open gekomen kapvlakte opnieuw ingeplant (dus géén natuurlijke verjonging).
Er zijn dus geen oude bomen en weinig dood hout.
Door de gebrekkige lichtinval is er ook weinig onderbegroeiing (struik- en kruidlagen).
Deze houtakkers zijn slecht voor de bosbodem, de biodiversiteit en het klimaat. Deze drie zijn meer gebaat met loofbomen en oude en dode bomen.


2. Natuurbos (natuurlijk bos)
...... (hooguit 1 % van alle bos in Nederland.)

houtoogst: géén.
boomsoorten: verschillende, aangepast aan de standplaats
(hier dus geen exoten zoals Fijnspar, Amerikaanse eik,etc.).
leeftijdsopbouw:
bomen van alle leeftijden (dus ook oude).
dood hout: veel (zowel staand als liggend)

.
. Bosreservaat Norgerholt is een voorbeeld van een natuurbos.
. In dit kleine bosreservaat wordt de laatste jaren niet meer gekapt, zodat de begroeiing zijn natuurlijke levenscyclus kan volgen. Het begint dan ook al een ruige wildernis te worden.


. Natuurbossen zijn bossen waarin menselijke invloed afwezig of minimaal is. In zulke bossen vindt geen beheer plaats, dus geen houtkap, geen aanplant, geen beweiding, etc. Het gevolg is dat natuurlijke processen hun gang kunnen gaan.
Bomen worden dan niet aangeplant, maar groeien vanzelf uit zaad op, concurreren met elkaar om licht en ruimte en sterven geleidelijk af.
Alle dode hout blijft in het bos en wordt geleidelijk omgezet in humus.
Oude natuurbossen zijn te herkennen aan de grote hoeveelheid dood hout, zowel staand als liggend. Ze beginnen dan op ongerepte oerbossen te lijken. Het betreden ervan is een indrukwekkende ervaring. Maar zulke wildromantische bossen zijn wèl een eeuw of langer onderweg vanaf het moment dat menselijk beheer gestaakt werd.

. De term ‘natuurbos’ ontlenen we aan het Duitse begrip ‘Naturwald’. In Duitsland werden eerder dan in Nederland stukken bos gereserveerd voor natuurlijke ontwikkeling.
In 2020 was daar ca. 3 % van alle bos Naturwald en men streeft naar 5%.
Enkele indrukwekkende voorbeelden nabij de Nederlandse grens zijn:
het Urwald Hasbruch (38 ha) niet ver van Bremen.(zie ook hier)
het Neuenburger Urwald (27 ha) bij Neuenburg, zuidelijk van Wilhelmshaven.
Deze twee bossen werden aanvankelijk begraasd door vee, maar de begrazing is al lang geleden stopgezet.
Deze bossen beginnen op ongerepte oerbossen te lijken. We mogen het echter géén oerbossen noemen, want de boomlaag is er door de mensen bepaald. Dit gebeurde in de tijd dat het zgn. Hudewälder (beweide bossen) waren. Hudewälder zijn bossen, waar begrazing door vee plaatsvindt en de samenstelling van de boomlaag hoofdzakelijk door de mens wordt bepaald.
Hier vindt men zeer oude eiken en geknotte haagbeuken uit de tijd van de begrazing. Sindsdien zijn in de dichtgroeiende bossen steeds meer beuken verschenen. De openheid verdwijnt: het bos wordt vol, dicht en donker. De ondergroei wordt spaarzamer en uiteindelijk dreigt een puur monotoon beukenbos te ontstaan.

. In Nederland hebben we zulke bossen niet.
In Nederland is de overheid pas in de jaren tachtig van de vorige eeuw begonnen met het instellen van kleine bosreservaten. Het zijn voormalige cultuurbossen, waar na de aanwijzing als bosreservaat, geen beheer meer wordt uitgevoerd. Er liggen over het land verspreid 60 van dergelijke bosreservaten. Ze zijn maar klein (tussen 4 en 370 ha). Samen vormen ze slechts 0,8% van de totale oppervlakte bos.  
Naast deze bosreservaten hebben we in Nederland ook nog kleine stukken natuurbos. Die erbij opgeteld bedraagt het aandeel nu 1% van onze bossen.

. De graad van natuurlijkheid in onze bosreservaten en natuurbossen hangt af van het beheer voorafgaand aan de instelling als reservaat. Sommige waren al langere tijd onbeheerd, andere werden voorheen benut voor de houtproductie.
Gemiddeld is de graad van natuurlijkheid echter veel lager dan bijv. bij die twee genoemde natuurbossen hierboven uit Duitsland.

. Voorbeelden van snippertjes natuurbos in Nederland:
(van noord naar zuid)
Norgerholt 25 ha. (zie ook knapzakroute Westervelde-Norg)
Imbosberg 34 ha (in het zuidoostelijke deel van de Veluwe),
Millingerwaard 160 ha,
Savelsbos 250 ha (gedeeltelijk),

Naturwäldern:
In Naturwäldern laufen die Prozesse der Natur ohne den Eingriff von Förstern ab:
Stürme, Insektenbefall, Verbiss durch Rehe und Schwarzwild beeinflussen die Wälder ohne Steuerung.
Bäume wachsen nicht da, wo sie gepflanzt werden, sondern wo ihre Samen von alleine im Waldboden aufkeimen.
Alte Bäume werden nicht gefällt, sondern fixieren noch lange Zeit Kohlendioxid aus der Luft und bieten Lebensraum für andere Pflanzen, Tiere und Pilze.
Tote Bäume werden durch Käfer, Würmer und andere Tierarten wieder dem Nährstoffkreislauf zugeführt.
In einem Naturwald entsteht also ein buntes Mosaik von jungen, alten und toten Bäumen mit einer Fülle an Lebensräumen für viele Tier- und Pflanzenarten, die auf solche Mosaike eingewiesen sind.



3. Oerbos
(soms oerwoud genoemd)

In de brochures en boeken van de nationale parken in Duitsland (ook bij Nationalpark Hainich) gebruikt men graag het woord Urwald (oerbos) voor dergelijke bossen.
Dit is onjuist. In Duitsland hebben we geen echte oerbossen meer.
Een echt oerbos is een natuurbos dat na de ijstijd niet (of nauwelijks) door mensen beïnvloed is. Dus daar heeft al die tijd géén houtkap, veebeweiding en strooiselwinning plaatsgevonden.
De bomen kunnen er gigantische afmetingen bereiken en er is tot wel 30 % dood hout.
Nederland en de landen om ons heen hebben geen restanten oerbos meer.
Noord-Europa heeft nog wat restanten in moeilijk toegankelijke gebieden. Denk aan Zweden (ca. 200.000 ha), Finland (120.000 ha), Noorwegen (20.000 ha).
In de Alpenlanden zijn er nog snippers in Oostenrijk (300 ha) en Zwitserland (80 ha).
En tot slot zijn er resten in Polen en de landen ten zuiden daarvan.
Eén van de laatste grote oerbossen van de Europese laaglanden is het Nationaal Park Bialowieza in het oosten van Polen en het westen van Wit-Rusland. Dit oerbos bleef weinig aangetast, omdat de Poolse koningen en de Russische tsaren hier hun jachtgebied hadden. De reusachtige bomen bleven daardoor behouden, maar wolven en wisenten (Europese bizons) werden er uitgeroeid.

Was ist Urwald?
Urwälder sind ursprüngliche, wilde Wälder. Sie wurden vom Menschen entweder nie genutzt oder die Nutzung liegt so lange zurück, dass sie keinen Einfluss mehr auf den Wald hat.

So kann auch da Urwald neu entstehen, wo heute Wirtschaftswald (1) ist. Dabei wandelt sich dieser zunächst allmählich zum Naturwald (2): Die frühere Bewirtschaftung ist zwar noch zu erkennen, aber es gibt keine Eingriffe des Menschen mehr. Statt „Ordnung“ findet man eine dynamische Vielfalt unterschiedlichster Strukturen. Kleine Bäume stehen neben großen, junge neben alten, mit Moos und Flechten bewachsenen. Die Bäume dürfen altern bis sie absterben. Dann dient das „Alt- und Totholz“ einer Vielzahl von Arten als Heimat und Nahrung: Für über 20 Prozent aller Pilze, Flechten und Moose, Schnecken, Käfer, Vögel und Säugetiere ist Totholz Nahrungs- und Lebensgrundlage. Natürliche Prozesse sorgen nach und nach dafür, dass der ehemalige Wirtschaftswald (1) in einen wilden, Naturwald (2) und schließlich in einen Urwald (3) übergeht


. Opvallend zijn de oude woudreuzen en het vele grote dode hout (staand - en liggend) in het oerbos van Bialowieza.


. Sommige boomsoorten bereiken in Bialowieza een maximale hoogte van ca. 40 m. De Fijnspar steekt daar nog ruim tien meter bovenuit.
De stamdiameter van die boomsoorten is dan op borsthoogte 1-2 m. Bij een liggende woudreus moet je dus omlopen, want er overheen klimmen gaat niet zo eenvoudig.
. De Beuk (Fagus sylvatica) ontbreekt vanwege het continentale klimaat.


 

 

Ik heb in Thüringen tot nu toe 2 dagwandelingen uit het Rother jubileumboek gemaakt: Nationalpark Hainich en Weimar und den Park an der Ilm.
Deze tweede is een stadswandeling en laat ik hier verder buiten beschouwing.
De rest van Thüringen komt in 2021 aan de beurt.


Deze wandelsite is niet-commercieel, onafhankelijk en gratis. Dat is enkel mogelijk door steun van de bezoekers.

Heb je hier goede info gevonden, toon dan je waardering door een kleine donatie voor het vele werk.
Zo kan de website ook gratis blijven en uitgebouwd worden!

...................................... .
. Betaal met deze knop in een paar klikken via je eigen PayPal-saldo.
. Heb je zelf nog geen PayPal-rekening, dan kun je toch via PayPal vanaf je creditcard geld overmaken.

Uiteraard kun je ook doneren door overschrijving op mijn
ING-bankrekening:

IBAN : NL38 INGB 0003 5057 89
BIC : INGBNL2A
t.n.v. P. C.M. Smulders.

 


Weet je aanvullingen en verbeteringen van deze tekst?
Graag een e-mail naar:


e-mailadres

. .... . ......