TEXEL WANDELEN

 

Inhoud:

1
.. De Slufter

2. De Hors

3. De Hoge Berg

4. Tweedaagse route: WaddenWandelen ( Streekpad 4 )

 


 

 

Deelgebieden van Texel:

Texel (spreek uit: Tessel) is het meest gevarieerde waddeneiland.
We kunnen de volgende deelgebieden onderscheiden:

................

1. Eilandkop:
De kop van het eiland Texel ligt in het zuiden.
Hier ligt de Hors: een zeer uitgestrekte strandvlakte die nog steeds groeit
en waar nieuwe duintjes gevormd worden.
De strandvlakte groeit door aanlanding van zandplaten en “recent” zijn
de Hors (halverwege de 18 eeuw) en Onrust (begin 20e eeuw) met het
eiland verheeld. ( De zandplaat Razende Bol heeft de potentie om in de toekomst aan te sluiten.)
Door aanvoer van nieuw zand en verstuiving kunnen nieuwe duintjes ontwikkelen, maar ook weer verdwijnen.
Wanneer de pioniervegetatie uiteindelijk in staat is om deze duinen vast
te leggen, kunnen ze doorgroeien naar witte en uiteindelijk grijze duinen
en onderdeel gaan uitmaken van het duinboogcomplex.
Binnen de eilandkop kunnen op Texel de volgende deelgebieden wordenonderscheiden:
1. Zandplaten de Hors en Onrust.
2. Kreeftepolder.

2. Duinboogcomplex:
Vanaf Den Hoorn, het meest westelijke punt van de stuwwal, heeft zich in
noordoostelijke richting een strandwal met daarop later duinen ontwikkeld.
Het voormalige eilandje Eierland lag in het verlengde van deze strandwal
met duinen en kon in de 17e eeuw met weinig moeite met Texel worden verbonden m.b.v. stuifdijken.
De afzonderlijke duinboogcomplexen zijn vergroeid en beslaan nu de
gehele westkust van het eiland.
Alleen aan de noordzijde worden de duinen onderbroken door de Slufter,
het vroegere zeegat tussen de oude eilanden.


3. Slufter:
De Slufter is Texels meest bijzondere natuurgebied.
Hier kan het getijdenwater van de Noordzee door een gat in de zeereep
regelmatig het achterliggende gebied binnenstromen via een geul die
het strand doorsnijdt.
Het is dus een van de weinige gebieden in Nederland waar de zee
ongehinderd kan binnenstromen.
Dagelijks spelen eb en vloed hun spel en beïnvloeden planten- en
dierenleven.  
De vegetatie in de sluftervlakte wordt daarbij regelmatig verjongd en de sluftervlakte groeit (in beperkte mate) mee met de stijgende zeespiegel.
In sluftervlaktes is vaak een grote variatie aan habitats te vinden:
- schorren en zilte graslanden op de lage delen,
- zilte pioniervegetaties op de iets hogere delen,
- vochtige duinvalleien op plaatsen waar grondwater uittreedt en
- droge duinvegetaties aan de randen.
Op de meest dynamische plaatsen, zoals op het strand en in de
sluftermonding, zal meestal geen begroeiing voorkomen.


4. Strand (en vooroever):
Dit strekt zich uit langs de zandige Noordzeekust, van de Hors tot aan de noordkant op Eierland.
Na de aanleg van de Afsluitdijk ontstond hier kustafslag.
Veel duinen verdwenen in zee; bij Paal 9 zelfs meer dan een kilometer.
Als antwoord legde Rijkswaterstaat in het zuidwesten strandhoofden aan
en bij de vuurtoren een strekdam in zee (de Eierlandse Dam) en een
asfaltglooiing.
Daarnaast vult ze regelmatig het zand aan d.m.v. zandsuppleties
( d.w.z. het opspuiten van zand).


5. Lage land:
In de luwte van de strandwal met duinen en stuwwal hebben zich
kwelders gevormd.. Ze zijn later vrijwel geheel ingepolderd.
Kenmerkend voor het lage land van Texel is de invloed van zoute kwel tot
ver in het binnenland.


6. Buitendijkse schorren (kwelders):
Er zijn op Texel op drie plekken buitendijkse schorren:
een flink gebied bij de Schorren en verder nog twee kleine stukjes
bij de Volharding (ten noorden van De Cocksdorp) en
langs de Mokbaai (ten westen van de veerhaven).
De buitendijkse schorren vormen het jongste deel van Texel.
Het grote kweldergebied de Schorren ligt op het wantij van Texel.
Dat is het ondiepe gebied, tussen het eiland en de kust, waar de
vloedstromen van het Marsdiep en het Eierlandse Gat elkaar ontmoeten. Daardoor is juist hier sediment afgezet en hebben zich de schorren en
slikken ontwikkeld.
Door verplaatsing van de getijdengeul aan de noordkant van Texel is
in 1926 Polder De Volharding grotendeels weggeslagen.
Het gevolg hiervan is erosie van de Schorren bij Polder de Eendracht,
omdat het gebied nu niet meer in de luwte van de polder ligt.
Afslag wordt hier door rijshoutdammen tegengegaan.


7. Oude kern:
Dit is het glooiende gebied van Den Hoorn tot Oost waarin de meeste
dorpen zich bevinden. De Hoge Berg (15 m) bij Den Burg is daarin het
hoogste punt.
Deze pleistocene kern is een restant van een uitgestrekt heuvelachtig landschap dat na de laatste ijstijd grotendeels verdwenen is door een zeespiegelstijging van ca 100 m.
De verdrinking van het gebied ging door tot rond het jaar 1000, toen het
Marsdiep ontstond.
Daarna begonnen de bedijkingen en aan de westzijde vormde zich een duinkust. De duinen van Texel zouden uiteindelijk hoog opstuiven, hoger
dan de Hoge Berg.
‘De hoge rug’ waarvan de Hoge Berg een markant element is, bestaat uit
een stuwwal uit het begin van de voorlaatste ijstijd (238.000-128.000 jaar geleden). Toen het landijs zich vervolgens uitbreidde, werd de stuwwal
sterk afgevlakt en met keileem bedekt door een gletscherstroom van
enkele honderden meters dik. Daarom is de Hoge Berg van Texel niet steil (zoals de stuwwallen op de Veluwe) maar glooiend.
In de laatste ijstijd (116.000-11.500 jaar is de stuwwal van de Hoge Berg verder afgevlakt doordat hij bedekt is geraakt met dekzand, afgezet door poolwinden.
Daarna – vanaf 11.500 jaar geleden tot heden – is het pleistocene
landschap grotendeels in zee verdwenen door zeespiegelstijging.
Rond 1250 v.Chr. was ‘pleistoceen Texel’ nog ruim 50 km2 groot, nu
15,5 km2. Vooral het oostelijke deel is gefragmenteerd geraakt: alles
beneden NAP is bedekt met klei en zand of soms zelfs weggespoeld.
Het pleistocene land is niet meer dan een restant, zoals dat ook
bijvoorbeeld op Wieringen het geval is.

 

Texel heeft enkele bijzondere wandelingen:
Jac .P.Thijsse trok alle registers open toen hij zei:
Een wandeling op Texel behoort tot het mooiste wat men in de wereld kan doen.
Zo ver wil ik niet gaan, maar, net als op Terschelling, kun je op Texel enkele heel
aardige wandelingen maken.


Denk aan verrekijker !
Texel staat bekend om zijn rijkdom aan vogels.


Fotoalbum:
Nieuw venster ........


Bevoorrading:
Levensmiddelen: Geen probleem. De dorpen hebben een supermarkt.
Daarnaast kun je bij sommige campings ook nog terecht, bijvoorbeeld
Camping Sluftervallei aan de Krimweg.

Drinkwater: Er waren voldoende plekken onderweg, waar je dat kunt
vinden.


Kamperen:
Er zijn campings genoeg op het eiland.
Wildkamperen is verboden.


Wandelweer:
Nieuw venster
www.weersvoorspelling.nl/site/weer_nederland/de_cocksdorp.html
Het waait op de waddeneilanden normaliter harder dan in het binnenland.
Als bijv. de westenwind in het binnenland matig (3 of 4 Beaufort) is, dan is
hij langs de kust (en op het IJsselmeer) vrij krachtig of krachtig (5 of 6 Bft).
- Neem daarom een goede windjack of dikke fleece jack mee, en
- Ga bij voorkeur naar deze eilanden bij zwakke of matige wind (dus 4 of
minder Beaufort)


'De zee neemt en de zee geeft': (kusterosie en - sedimentatie)
Kusten zijn altijd in beweging. Ze kunnen 1. afslaan of 2. aangroeien.
Ze kunnen ook
stabiel blijven, maar dat is uitzonderlijk. (Stabiliteit is meestal
te danken aan de mens, die strandhoofden aanlegt en zand spuit).

The position of the coastline is constantly changing.
In places land is being lost to wave
1. erosion.
Along other parts of the coast land is being gained by 2. deposition

(sedimentatie).
Between the two, waves are transporting eroded materials by
longshore drift
( kustdrift ).

1. Kustafslag: aan de west- en noordzijde van Texel.
Deze kustafslag is begonnen na de aanleg van de Afsluitdijk.
Veel duinen verdwenen al in zee, bij Paal 9 zelfs méér dan een kilometer.
Rijkswaterstaat vult tegenwoordig het zand op het strand en de vooroever
regelmatig weer aan d.m.v. zandsuppleties ( = het opspuiten van zand).
( vooroever = onder water vlak voor het strand)
Om de behoefte aan zandsuppleties op de noordwestpunt van Texel te
verminderen is een 800 meter lange stenen dam loodrecht op de kust geplaatst.
Ten zuiden van deze Eierlandse Dam is het strand breder geworden en vindt
embryonale duinvorming plaats.
Vanaf paal 9 t/m 18 bevinden zich strandhoofden.
Ze drukken de stroming langs de kust weer naar buiten. Hierdoor is de kust
beter verdedigd omdat de geulen van de kust worden afgehouden.
2. Kustaangroei: in het zuiden bij de Hors.


Texel staat bekend als een schapeneiland:
Er leven daar twee tot drie maal zoveel schapen dan mensen.
Dat zijn er dus eigenlijk niet zo veel.
Vergelijk het eens met de Yorkshire Dales in Engeland.
( Denk aan: "All creatures great and small", met de sympathieke veearts James Herriot ). Daar hebben ze maar liefst dertig keer zoveel schapen dan mensen.


Fauna op Texel:
De isolatie toont zich in het volledig ontbreken van bijv. reeën, vossen,
eekhoorns en mollen. 
Net als slangen en hagedissen hebben die het eiland nooit bereikt, of ze waren
er wel maar zijn uitgestorven.
Andere dieren zijn door mensen meegenomen. Denk aan konijnen en ratten.
Het ontbreken van predatoren zoals de vos, heeft weer tot gevolg dat de
lepelaar het op Texel zo goed doet: geen vos die er bij kan.


Beste websites:
Nieuw venster
http://wandelnet.nl/waddenwandelen-sp-4
.... (Kijk hier ook naar de routewijzigingen.)
Nieuw venster
www.zeeinzicht.nl
.. Op deze site heb je rechtsboven het vakje Google Aangepast zoeken.
... Als je hier woorden als Oudeschild of schapenboeten invoert, dan kun je een
... heldere compacte beschrijving hiervan vinden.
Nieuw venster www.npduinenvantexel.nl



Verklaring van enige veldnamen:

Bol .
= een meestal wat afzonderlijk liggend duin in een overigens vrij lage
............en
vlakke omgeving. Bijv. de Palenbol in de Slufter.
............Ook in meervoud als aparte duingroep, bijv. de Slufterbollen.
Hok. = een klein perceeltje in het duin, vaak voor aardappelteelt gebruikt.
............Ze werden omgeven door een tuinwal met daarop een dichte
............beplanting van afgestoken duindoorns die diende om schapen en
............konijnen uit het hok te houden.
Bijv.
het Hokkie van Theus.
Hoorn of Horn = een oud-Hollands woord voor vloedhaak in een
........... kustlandschap.
............Meestal wordt er een langwerpig, aan drie zijden door water
............omgeven landtong mee bedoeld.
............Bijv. de duinrug van Kuuldernollen tot Oude Hoorn.
............Een ander voorbeeld is de duinrug met daarop 't Horntje.
Koog = een aandijking of polder (d.w.z een hoge kwelder die bedijkt is).
............Op Texel gebruikt men het ook veel als perceelsaanduiding, wat
............elders uitzonderlijk is.
Nol
..= Noord-Hollands voor duin, op Texel in gebruik voor hoog duin.
............Bijv. de Bertusnol, de Fonteinsnol, de Kapenol.
Slag
.= een pad door de duinen, meestal in de richting van het strand.
............Bijv. het
Hoornderslag, het Jan Ayeslag.
Vlak
. = duinvallei, bijv. het Pompevlak en het Grote Vlak.
............Vlak is van toepassing op
zowel primaire - als secundaire
............
De eerste zijn afgesnoerde strandvlakten, de tweede danken hun
............ontstaan aan uitstuiving, en zijn dus uitblazingsvalleien.
Waal, weel = restant van een dijkdoorbraak, vaak met een ronde vorm.
............Bijv. Weegeswaal.

Zie verder http://duinenenmensen.nl/wp-content/uploads/2014/06/Over....

 


Landschapsvormen :

Kwelder ... = een kleirijk, begroeid, buitendijks terrein, aan de zeekust, .....................dat boven het niveau van gemiddeld hoogwater ligt en
.....................slechts bij extreem hoogwater ( springtij of stormvloed )
.....................wordt overstroomd.
Kreek........= afwateringsgeul op de kwelder.
Zeegat......= rechtstreekse verbinding tussen de Noordzee en de Waddenzee.
......................Door de uitschurende werking van de getijstromen kunnen de
......................zeegaten wel 30 meter diep zijn.
Vloedhaak = haakvormige zandbank,
......................verbonden met de eilanden aan de wadzijden van de zeegaten,
......................ontstaan door de afzetting van zand uit de vloedstroom



Bezoekerscentrum Ecomare met het Duinpark

- Ecomare is een informatiecentrum, zeedierentuin en natuurmuseum in één.
- In de zeehonden- en vogelopvang worden hulpbehoevende dieren verzorgd.
..De zeehonden vormen de grootste attractie. Het voeren is een spectakel
. waar veel bezoekers op af komen.
- Tegenwoordig verblijven er ook bruinvissen.
- Voor meer informatie zie www.ecomare.nl.
- Een bezoek is verplichte kost voor de Texel-wandelaar.
- Het Duinpark ligt ten zuiden van Ecomare en is ingericht als voorbeeld-
. gebied voor natuurvoorlichting. Er zijn natuurpaden met
informatieborden.
- De opbouw van de vegetatie van het duin is er goed te zien:
. in de zeeduinen helm, gevolgd door struiken als braam, vlier en kruipwilg.
. Daarachter zijn de duinen begroeid met duinroosjes.
..In de oudere duinen groeien heidesoorten.

. Het voeren van de zeehonden bij Ecomare.



WANDELGIDSEN, KAART en BOEK:


Nieuw venster Eilandroutes.
.... Brochure met 4 fietsroutes en 10 wandelroutes
.... VVV Texel, 2015



. WaddenWandelen (Streekpad 4)
.... De Vrije Uitgevers, 2013

.



. Texel - Staatsbosbeheer Wandelkaart 01
....
.schaal 1: 25.000
.... Goede overzichtskaart met daarop wandelroutes,
.... fiets- en. ruiterpaden.





. Duinen en Mensen Texel
.... Rolf Roos & Nico van der Wel (red.), 2013
.... Uitg. Natuurmedia, A'dam.

.....Dit prachtige, populair-wetenschappelijke boek
.... geeft je de nodige achtergrondinfo.



Te bestellen bij:
Reisboekwinkel de Zwerver ( webshop voor reisgidsen en landkaarten) 



Overnachtingsmogelijkheden:

B&B's en hotels boek je hier.



... Deze wandelsite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis.
... Dat is enkel mogelijk door de steun van de lezers.
... Door een kleine donatie kun je je waardering tonen en
.....meehelpen om de website gratis online te houden !

..............................................
... • Betaal met deze knop in een paar klikken via je eigen PayPal-saldo.
... • Heb je zelf nog geen PayPal-rekening, dan kun je toch via PayPal
...... vanaf j
e creditcard geld overmaken.

....Uiteraard kun je ook doneren door overschrijving op mijn
.. ING-bankrekening:

.. IBAN : NL38 INGB 0003 5057 89
.. BIC : INGBNL2A
.. t.n.v. P. C.M. Smulders.


Weet je aanvullingen en verbeteringen van deze tekst?
Graag een e-mail naar:

e-mailadres

En tot slot: veel wandelplezier !
Piet Smulders, 2017



. ... . ... .

 







1. De Slufter ......... uur.. (heen en terug)

- De Slufter is Texels meest bijzondere natuurgebied.
. Hier kan het getijdenwater van de Noordzee door een gat in de zeereep
.
regelmatig het achterliggende gebied binnenstromen via een geul die het
. strand doorsnijdt.
. Eb en vloed spelen hier dus dagelijks hun spel en zorgen zo voor een
. bijzonder planten- en dierenleven.
- De Slufter op Texel is ontstaan na een doorbraak van de westelijke
. stuifdijk
.
- In die westelijke stuifdijk zit nu een opening van ongeveer 400 meter. 
- Via de geul staat het krekenstelsel in de sluftervlakte in open verbinding
. met de zee.
- Onder normale omstandigheden vult de vloed ( opkomend tij ) alleen de
.. kreken
en kreekjes (dus niet de hele vlakte) en lopen die bij eb
.. (= afgaand tij ) weer leeg.
. Alleen bij extreem hoogwater( springtij of stormvloed ) wordt de héle
. sluftervlakte
overspoeld met zout zeewater.
. Dat gebeurt enkele keren per jaar.. Kijk maar eens naar het vloedmerk
. onder aan de voet van de stuifdijk.
- De Slufter is dan ook begroeid met planten die tegen zout kunnen.

- Zie verder o.a.: www.waddenacademie.nl/nl/wetenschap/wadweten/....


Elk vierkant van het vierkantennet is in werkelijkheid 1 bij 1 km.
De kwelder is met kreekjes doorsneden.
De stippellijn geeft de door mij gelopen wilde doorsteek in 2017.

Dit kaartfragment is van topkaart 2015/2016 en komt niet meer overeen met de
.. huidige terreinsituatie.. Het is hier namelijk een heel dynamische gebied waar geul
.. en kreken voortdurend . verlegd worden.

Rondwandeling over de sluftervlakte:
- Ingang: bij het einde van de Slufterweg.
.
Hier is het struingebied, waar je vrije toegang hebt óók buiten de paden.
- Als je een zo gaaf mogelijk stuk kwelder wilt zien, kun je het beste langs
. de noordgrens van het struingebied lopen. Daar is minder betreding.
- Routebeschrijving:
- Klim over een trap de Zanddijk op.
. Boven is er een uitzichtpunt en informatiebord.
- Ga over de trap naar beneden en volg de geel-rode markering noordoost-
. waarts (dit is de markering van het streekpad WaddenWandelen).
. De grens van het struingebied wordt aangegeven met oranje bordjes.
. Loop aan de zuidzijde langs die bordjes in noordwestelijke richting.
- Als een kreek onpasseerbaar is, zul je zuidwaarts om moeten lopen of
. of met blote voeten door de kreek waden.
. ( De kreken lopen tweemaal per etmaal bij vloed vol. ! )
- De rest van de route wijst zich vanzelf. Zie bovenstaande kaartfragment.

Planten:
De zoutplanten maken de kwelder boeiend en mooi.
Ze geven de verschillende maanden kleur:
In mei toont Engels gras, dat géén echt gras is, haar roze bloemhoofdjes,
in juli en augustus kleurt lamsoor de vlakte lilapaars,
terwijl het najaar rood gloeit door zeekraal (een vetplantachtige plant, die
op slikvlaktes voorkomt).


Vogels: (Denk aan verrekijker).
- Het zeewater dat de Slufter binnenkomt, voert veel voedingsstoffen en
. allerlei klein dierlijk leven aan. Het meegevoerde slib bezinkt er.
. Een groot aantal vogels vindt er daarom voedsel.
- De Slufter is een ideale plek voor veel vogels.
. Vanuit het uitzichtpunt bij het einde van de Oorsprongweg kun je er vele
. soorten zien: eendensoorten, lepelaars, steltlopers en zangvogels.
. Ook voor roofvogels zoals de blauwe kiekendief en de slechtvalk is de
. Slufter een goede plaats.
- Eidereenden en kluten broeden er graag.
. Daarom heeft men het noordelijke deel afgesloten.
- In en langs de hoofdkreek die de Slufter tweemaal daags van nieuw zee-
. water voorziet, zoeken vele vogels hun voedsel.
. Voor de lepelaar is de Slufter een belangrijke plaats om naar garnalen te
. zoeken.

Slufter.......= een doorbraak door de zeereep waar
.....................het getijdenwater regelmatig het achterliggende gebied
.................... binnenstroomt via een geul die het strand doorsnijdt.

Kwelder .. = een kleirijk, begroeid, buitendijks terrein, aan de zeekust, ....................dat boven het niveau van gemiddeld hoogwater ligt en
....................slechts bij extreem hoogwater ( springtij of stormvloed )
....................wordt overstroomd.

Kreek.......= afwateringsgeul op een kwelder.

Stuifdijk .. = een aangelegde duinenrij.
...................Op plekken waar het samenspel tussen zand en wind zelf
...................geen duinenrij vormt, kan de mens de natuur een handje
...................helpen door een stuifdijk aan te leggen.
.................. Met behulp van riet- of takkenschermen, geplaatst in een
...................lange rechte lijn, vangt men zand in om het vervolgens vast
...................te leggen door helm aan te planten. Stuifdijken zijn in het
...................landschap te herkennen als kaarsrechte duinenrijen.


Ontstaanswijze slufter:
- In de dertiende eeuw vormde zich een breed strand ten noorden van het
. dorpje De Koog.
. In 1629 en 1630 werd er een stuifdijk met takkenschermen gemaakt tussen
. Texel en het duineilandje Eyerland. We kennen deze nu als de Zanddijk.
- Ten oosten hiervan slibde land aan, een schorrengebied (kweldergebied)
. dat in 1835 werd bedijkt. Dat werd de tegenwoordige Polder Eierland.
. Ten westen van de Zanddijk bleef de Slufter een deel van de Noordzeekust.
. Twee keer per etmaal liepen daar de kreken vol met zeewater.
- In 1855 werden ook langs de Noordzeekust stuifdijken aangelegd om de
. Slufter van de zee af te sluiten en een nieuwe landbouwpolder te scheppen.
. Deze stuifdijken braken echter door en de Slufter bleef toegankelijk voor de
. Noordzee.

De Slufter.


Een gedeelte van de Slufter gezien vanuit een vliegende drone.
Hier kijk je oostwaarts over het oostelijke deel van het 'Struingebied'.
.. Rechts zie je de door betreding ontstane lelijke brede zandpaden en aan de horizon
.. vaag de
Zanddijk.


De foto is genomen bovenop de hoge Zanddijk ter hoogte van de Oorsprongweg.
Deze Zanddijk is een stuifdijk ( een aangelegde duinenrij ).
Je kijkt hier naar het westen over het noordelijk deel van de Slufter.

.
Staande op de kwelder zie je dit.
Als zo'n kreek onpasseerbaar is, moet je omlopen of met blote voeten er doorheen
.. waden. ( De kreken lopen tweemaal per etmaal bij vloed vol ! ).

 

 

 

2. De Hors........ 2 uur

Unieke rondwandeling:
Net als de
Noordsvaarder-wandeling op Terschelling behoort ze tot de mooiste van onze waddeneilanden.

De Hors op de zuidpunt van Texel biedt een spectaculaire wandeling door
een veelzijdig duinlandschap. Hier is het ontstaan en de ontwikkeling van verschillende duinvormen goed te bekijken.
We zien achtereenvolgens van noord naar zuid:
- van zee afgescheiden jonge duinvalleien met duinmeren,
- volgroeide, witte duinen,
- kleine, beginnende duinen,
- en tot slot een kale zandvlakte,

Topografische Kaart van Texel ( 2015/2016 )
Elk vierkant van het vierkantennet is in werkelijkheid 1 bij 1 km.
De streepjeslijn is de blauw of geel gemarkeerde route in het terrein.
.. De stippelijn is een eenvoudige wilde doorsteek ( hier is geen markering in het terrein).

De Topografische kaart toont de wintersituatie in het terrein.
.. Dan staat de Kreeftepolder gedeeltelijk onder.water.
.. In het zomerhalfjaar is zo'n natte vallei echter droog en probleemloos over te steken.

Staatsbosbeheer / Falkplan..., Wandelkaart 01 Texel ... 9 e druk
Elk vierkant van het vierkantennet is in werkelijkheid 1 bij 1 km.


Startpunt:
Het parkeerterrein bij het electriciteitsdhuisje aan de Mokweg.


Denk aan verrekijker:
Dit geldt voor alle wandelingen op Texel.


Drinkwater:
Veldflessen vooraf vullen.


Routebeschrijving:
- Volg het verharde weggetje dat hier zuidwestwaarts het duin in gaat.
. Het is de blauwe route (daarnaast ook geel-rode markering van het
. streekpad WaddenWandelen).
- Ga even rechtsaf het schelpenpaadje op naar een uitzichtpunt.
. Je kijkt daar mooi over de Geul, een afgesnoerde strandvlakte.
. Veel vogels o.a. een broedkolonie lepelaars.
. Het struweel om je heen bestaat uit Duindoorn, Gewone vlier, Hondsroos
. Dauwbraam
en Wilde kamperfoelie.
- Teruggekeerd op je route. let je op een grote vloedpaal met rode kop.
. Deze geeft aan waar in 1910 de vloedlijn lag.
- Sla 50 m voorbij de vloedpaal rechtsaf (ook weer blauwe route) een
. duinrichel op. Je hebt daar een mooi. overzicht over de beide Horsmeertjes.
. Ze zijn ontstaan rond 1970.
- De eerstvolgende 1500 m lopen we door een aantal vochtige duinvalleitjes,
. omzoomd door Kruipwilg- en Duindoornstruweel.
- We steken een hoge duinenrij over.
. Hier vandaan heb je een mooi uitzicht over het westelijke Horsmeertje.
- Iets verder naar het zuiden kom je bij de Kreeftepolder.
. Deze jonge, natte duinvallei is ontstaan rond 1980.
- Er loopt een voetpaadje (niet gemarkeerd) over de valleibodem zuidwaarts
. en daarna klimt het tegen een steile helling omhoog.
. Ga over dit pad tot bovenop de duinenrij (een voormalige stuifdijk).
. Hier heb je een prachtig uitzicht over lage duinen en de zee.
.
( 's Zomers kun je de vallei probleemloos oversteken, maar 's winters staat
. er water.)
- Maak een wilde doorsteek in zuidelijke richting door de jonge, lage duinen.
. ( Struin dwars door het gebied, waarbij je je oriënteert aan de stand van de
. zon of de windrichting ).
- Uiteindelijk bereik je een grote vlakte, waar je rechtsaf (westwaarts) gaat.
. ( De omvang en vorm van de strandvlakte wisselt sterk onder invloed van
. de zee, maar het gebied groeit nog voortdurend. )
- Ongeveer bij paal 8 zie je in de zeereep een wegwijzer van de gele route
. ( tevens geel-rood gemarkeerd van het streekpad WaddenWandelen).
. Volg die gele markering ongeveer een kilometer en loop daarna verder
. oostwaarts over de blauwe route tot aan de parkeerplaats.

Primaire duinvallei ....= duinvallei ontstaan door afsnoering van een
..... (vlak) ......... ..............strandvlakte.

Secundaire duinvallei = later uitgestoven vallei.

Duinmeer
.............= als het grondwater vrijwel het hele jaar boven het
...............................maaiveld staat.

Duinmoeras.........= als er teveel plantengroei is om van open water ...............................(duinmeer).te kunnen spreken.

Kwelder .. = een kleirijk, begroeid, buitendijks terrein, aan de zeekust, ....................dat boven het niveau van gemiddeld hoogwater ligt en
....................slechts bij extreem hoogwater ( springtij of stormvloed )
....................wordt overstroomd.

Kreek.......= afwateringsgeul op een kwelder.

Natte duinvallei..= duinvallei waar de grondwaterstand hoog genoeg is
............................... om de plantenwortels het hele jaar door te bereiken.
................................In de winter staan deze valleien doorgaans blank,
................................in de zomer vallen ze droog.

Stuifdijk . = een aangelegde duinenrij.
...................Op plekken waar het samenspel tussen zand en wind zelf
...................geen duinenrij vormt, kan de mens de natuur een handje
...................helpen door een stuifdijk aan te leggen.
.................. Met behulp van riet- of takkenschermen, geplaatst in een
...................lange rechte lijn, vangt men zand in om het vervolgens vast
...................te leggen door helm aan te planten. Stuifdijken zijn in het
...................landschap te herkennen als kaarsrechte duinenrijen.

Zeereep.. = duinenrij die grenst aan het strand ; buitenste duinenrij.


De MokbaaI:
- Wie met de veerboot Texel nadert, ziet in het westen de zandvlakte van
. de Hors met erachter een duinenrij.
- De veerboot vaart pal langs de oostelijke punt van die duinenrij, genaamd
. 't Puntje, een kaap met een stenen glooiing tegen de stroming.
- Voorbij het Puntje ligt de kazerne van de mariniers en dan begint een
. inham,. de Mokbaai.
. Ze dankt haar naam aan een diepe geul midden in de baai: de Mok.
- De Mokbaai is een belangrijke foerageerplek voor watervogels.
. Bij eb scharrelen er duizenden wadvogels rond. Denk aan steltlopers,
. ganzen, eenden, meeuwen en sterns.
- Door de aanwezigheid van een (smal strookje) kwelder, wadplaten,
. een mosselbank en de diepe geul ( de Mok) wordt de baai ook wel
. omschreven als de Waddenzee in het klein.
- De Mokweg, die langs de baai loopt, is ooit aangelegd om het opwaaiende
. zand vanaf de Hors op te vangen. In de 18 de eeuw was de Mok een
. ankerplaats voor zeeschepen. Ze dreigde te verzanden door opstuivend
. zand vanaf de Hors.


De Geul:
- De Geul is een lange, natte duinvallei tussen twee duinenrijen in.
. Ze was aanvankelijk in het oosten verbonden met de zee.
. Na de afsluiting in 1921 kon er geen zoetwater uit de Geul meer naar zee
. stromen en werd de Geul steeds natter. Er is nu zelfs een duinmeer.
- Rond eind februari keren haar lepelaars terug uit Afrika. 's Zomers broeden
. er in het riet rond het meer enkele honderden paartjes.
. Het aan- en afvliegen is goed te zien vanaf het uitzichtpunt aan de Mokweg.
- De Geul is ook populair bij roofvogels als de bruine en blauwe kiekendief.
- En aan de westkant broedt een grote meeuwenkolonie. Je vindt hier
. zilvermeeuwen, stormmeeuwen en kleine mantelmeeuwen.
- Verder zijn er grote grazers: Schotse hooglanders en exmoorpony's.
- In de beschutting van deze natte duinvallei komt veel duindoorn voor.
. De vrouwelijke planten dragen in het najaar de bekende fel oranje zure
. bessen. Het is een belangrijke plant voor het duin: ze draagt bessen die
. gegeten worden door trekvogels en brengt via wortelknolletjes
. voedingsstoffen (stikstof) in de bodem. Hierdoor groeien in de buurt van
. duindoorns dichte vlierbosjes en een bodembegroeiing van brandnetels,
. bitterzoet
en braam.


De Horsmeertjes (Horspolders):
- Deze twee duinmeren vormen een verdronken duinvallei die ontstaan
..is door het leggen van een stuifdijk ten zuiden daarvan.
. Ze worden onderling gescheiden door een stuifdijk in noord-zuid richting.
- Ze hebben brede rietkragen.
- Het zijn gebieden met een bijzondere flora en fauna.
- Onder andere veel vogels. In de brede rietkragen broeden bijvoorbeeld
. bruine kiekendief, blauwborst, roerdomp en baardmannetje.
. De laatste twee soorten staan op de zogenaamde ‘Rode Lijst’, een lijst
. van bedreigde en kwetsbare vogelsoorten.


De Kreeftepolder:
- De Kreeftenpolder is een door een stuifdijk van de strandvlakte
. gescheiden natte duinvallei.
- In de Kreeftepolder bevindt zich een
stormmeeuwenkolonie.
- 'Kreeft' verwijst naar de opzichter van Rijkswaterstaat , Jaap Kreeft,
. die bij de aanleg
van de polder de leiding had.


De Hors:
- De Hors ligt in de zuidpunt van Texel en bestaat uit een zeer brede
. strandvlakte met jonge strandduinen.
. Deze strandvlakte is ontstaan doordat er in het verleden steeds
. zandplaten zich in de richting van Texel verplaatsten en er ten slotte aan
. vast groeiden ( halverwege de 18e eeuw de Hors en begin 20e eeuw de
.
Onrust).
- In drogere tijden kan het zand landinwaarts verstuiven en het strand
.. ophogen. Voorwerpen op het strand , zoals schelpen en aanspoelsel,
. kunnen het stuifzand in hun luwte vasthouden.
- Het is een weergaloos landschap dat
in een winterstorm fors kan
. veranderen.

- Je kunt op deze aangroeikust goed zien hoe nieuwe duintjes ontstaan.
. Achter aanspoelsels blijft zand liggen, waarin
biestarwegras en
.
zeepostelein kunnen kiemen en nog meer zand wordt gevangen.
. Dankzij regenwater kan er daarna ook
helm gaan groeien.
- Op de
kale strandvlakte broeden hier en daar Dwergsterntjes.
. Men heeft die gebieden afgezet met touwen. Die mag je niet betreden.



De Hors: wilde doorsteek door de jonge duinen naar het strand.
Het struinen door dit woestijnachtige gebied is heel bijzonder.

 

 


3. De Hoge Berg ......... 2 uur

Rondwandeling:
Oudeschild Skillepaadje De Hoge Berg Begraafplaats Georgiërs Fort de Schans Oudeschild


Een gemakkelijk te volgen route:
Tot aan de Begraafplaats van de Georgiërs kun je de geel-rode
markering van het streekpad WaddenWandelen volgen.


Routebeschrijving:
- Vanaf de haven eerst een klein stukje door de Barentszstraat,
- vervolgens De Ruyterstraat helemaal uitlopen.
- Einde weg rechtsaf door Het Buurtje en rechtdoor over het Skillepaadje.
- Dit schelpenpad volgen (gaat over in asfalt). Kruising oversteken.
- Na ruim 300 m linksaf over een grasweggetje tussen tuunwallen naar het
. uitzichtpunt
van de Hoge Berg.
- Na het uitzichtpunt het pad vervolgen en bij de Schansweg linksaf en
. direct weer asfaltweg rechtsaf, Zuid-Haffel.
-
Na ca. 300 m kom je bij een informatiebord en twee begraafplaatsen.
- Na bezoek van de Begraafplaats v.d. Georgiërs terug naar de Schansweg.
. Hier rechtsaf (zuidwaarts) naar Fort de Schans.
- Na bezichtiging verder naar de dijk.

- Daar linksaf het fietspad op.
- Na enkele honderden meters een weggetje schuin de dijk op en aan
..de Ijsselmeerkant van de dijk verder lopen tot de haven van Oudeschild.


Topografische Kaart van Texel ( 2015/2016 )
Elk vierkant van het vierkantennet is in werkelijkheid 1 bij 1 km.
In deze kaart staan de kleine, onregelmatige percelen met tuunwallen ingetekend.

Staatsbosbeheer / Falkplan ...... Wandelkaart 01 Texel ...... 9 e druk
.. Dit is de beste wandelkaart op Texel.
Elk vierkant van het vierkantennet is in werkelijkheid 1 bij 1 km.

In deze kaart zijn de kleine, onregelmatige percelen met tuunwallen nog beter te zien.


Oudeschild:
- De Texelse kottervloot heeft zijn thuishaven in Oudeschild.
- Er zijn schilderachtige woningen en het Maritiem- en Juttersmuseum.
- Oudeschild ontstond rond 1600, toen de Rede van Texel een druk
. ontmoetingspunt van zeeschepen werd.
. In Oudeschild stonden de.kantoren van de Admiraliteit, waar alle in- en
. uitkomende schepen zich moesten melden.
- Hier werden schepen voor lange tochten bevoorraad.
- In het dorp woonden en werkten allerlei ambachtslieden:
. touwslagers, zeilmakers, scheepstimmerlieden en kuipers.
. In de enkele stenen huizen woonden beambten van de VOC en hoge
. functionarissen van de marine: de Admiraliteit.
- Bepalend voor de plaats waar 't Schilt zou ontstaan was de monding van de
. Schilsloot. Dit was de vaart waardoor met kleine bootjes de vaten drink-
. water vervoerd werden.
- Later bouwde men in verband met de drukte een tweede dorp,. Nieuwe-
. schild
,. noordelijker langs de waddendijk. Dit dorp is later weer verdwenen.
. Maar sindsdien heet het oorspronkelijke dorp Oudeschild.

. Oudeschild: Kaap Skil, Museum van Jutters & Zeelui.
De molen ’de Traanroeier’ staat centraal op het terrein van het museum.
.. Daaromheen staan de smederij, een schuur voor reddingboten, een graanpakhuis en
. .enkele wierschuren.
Je kunt bij Kaap Skil van alles zien op het gebied van visserij, scheepsarcheologie, VOC en
.. natuurlijk strandjutten! Hier kun je duizenden gejutte spullen bewonderen.

De Ruyterstraat in Oudeschild.
Oudeschild is een van de leuke dorpen aan de oostzijde van het eiland.
.. Een ander is Oosterend. Ook de gehuchten De Waal en Oost zijn aardig.


Skillepaadje en de Skilsloot:
- In de VOC-tijd lagen de schepen voor de rede van Texel te wachten op
. gunstige wind om uit te varen. Ze haalden dan water uit de Wezenputten
. bij Huize Brakestein. Het water werd in tonnen met bootjes via de Skilsloot
. naar de dijk vervoerd, over de dijk gehesen en naar de schepen gebracht.
- Het
ijzerhoudende water bleef lang houdbaar en was daarom zeer geliefd
. bij zeelui.
- De putten waren eigendom van het Texelse weeshuis en de opbrengst van
.de verkoop kwam ten goede aan het weeshuis.
. Vandaar ook de naam: de Wezenputten.

. Zie ook artikel:
. www.trouw.nl/home/langs-de-skilsloot-levensader-van-de-nederlandse...


Brakestein:
Aan het Skillepaadje, tegenover de Wezenputten, ligt de hoeve Brakestein.
Vroeger was hier een deftig landhuis. Belangrijke heren, zoals de admiraals Tromp en De Ruyter, logeerden hier.


Een van de Wezenputten aan het Skillepaadje, tegenover boerderij Brakenstein.
Het Texelse water dat de VOC-schepen kochten, kwam uit deze Wezenputten.
.. Vanwege het hoge ijzergehalte was het aan boord lang houdbaar.


De hoogste berg ? :
- De Hoge Berg tussen Den Burg en Oudeschild, is ca. 15 m boven NAP,
. terwijl de
duinen op Texel tot ongeveer 24 m hoog zijn.
- Toch is de
Hoge Berg de meest bijzondere, want deze keileemheuvel is
. een restant van een
stuwwal van de voorlaatste ijstijd zo'n 150.000 jaar
. geleden. ( De duinen zijn veel jonger, hooguit zo'n 700 jaar).
. Deze stuwwal loopt van Den Hoorn via Den Burg naar Oost over het eiland.
- In de stuwwal is keileem (grondmorene) te vinden, d.w.z. een mengsel van
. keien, stenen, grind, zand en leem. (Het wordt keileem genoemd vanwege
. de keien en het hoge leemgehalte)
- De keileemheuvels van Texel zijn al duizenden jaren bewoond en er zijn
. veel stenen werktuigen e.d. gevonden.
- Men hield hier schapen.

- Er is een uitzichtpunt. (De topografische kaart heeft geen symbool voor
. een uitzichtpunt. Daarom heb ik er zelf een in het kaartfragment gezet.)


De terugtrekking van het landijs vanaf het Saalien vond schoksgewijs plaats.
.. Soms breidde het ijs zich weer tijdelijk uit.
Tijdens zo'n uitbreiding is op een aantal plaatsen de aanwezige keileem (grondmorene)
.. opgestuwd tot stuwwallen. Hiertoe behoort o.a. de Hoge Berg op Texel.

Bruin = de stuwwallen aan of nabij het oppervlak.
.. Blauw = de stuwwal bedekt met jongere afzettingen.



Tuunwallen als perceelscheidingen:
- Tuunwallen zijn wallen van op elkaar gestapelde graszoden, die de
. percelen van elkaar scheiden.
- Sinds de 17 -de eeuw gingen de boeren steeds meer hun
grondgebied
. omheinen.

. Sloten graven, zoals op het lage land, heeft geen zin. Ze zouden leeg staan.
. (Rasters zetten van hout kon ook niet, omdat er op het boomarme eiland
. van toen nauwelijks hout te vinden was.
. Evenmin waren houtwallen of heggen mogelijk, omdat jonge aanplant
.. hier doodgaat door watergebrek.
)
. De enigste oplossing was muurtjes van graszoden. En om te voorkomen
. dat de schapen toch nog over de lage wallen sprongen, stak men er
. duindoorntakken in.
-
De wallen zijn door de tijd heen door uitspoeling voedselarm geworden en
. daarmee aantrekkelijk voor veel wilde planten.
- Tuun betekent geen tuin, maar zoiets als omheining.
..( Denk aan het Duitse 'Zaun' = hek en Engelse 'town' = ommuurde stad)
............................................
.......................................Een dwarsdoorsnede van een tuunwal
...................................... Aan de rand graszoden en binnenin zand.


Schapenboeten:

- Schapenboeten zijn hooischuren ver van de boerderij (boet = schuur).
- Het is dus géén stal. Het Texelse schaap is. winterhard en kan het hele jaar
..buiten blijven.
- Ze werden gebouwd, omdat de graslanden vóór de ruilverkaveling zeer
..verspreid en dus soms
ver van de boerderij lagen.
- De meeste schapenboeten staan met hun voorgevel met toegangsdeur naar
..het oosten. Op die manier kan de boer
in de luwte het hooi binnen doen.

.
Naast tuunwallen zijn ook schapenboeten karakteristiek voor het 'oude land'.
De meeste schapenboeten staan met hun voorgevel met toegangsdeur naar het oosten.
.. Op die manier kan de boer in de luwte het hooi binnen doen.


Georgische Begraafplaats:
- Toen het Duitse leger Georgië bezette, konden de krijgsgevangenen daar
. kiezen tussen een ellendig leven in een concentratiekamp of dienst nemen
. in het Duitse leger. Ze werden overgebracht naar Texel, waar ze de kust
. moesten verdedigen.
- In april 1945, toen het voor iedereen duidelijk was dat de Duitsers de oor-
. log zouden verliezen, kwamen de Georgiërs in opstand.
. Ze vermoordden hun Duitse bewakers, de meesten in hun slaap.
. Daarna veroverden ze het grootste deel van het eiland.
- Maar de Duitsers haalden versterking en wisten Texel terug te veroveren.
. Ze begonnen een klopjacht op de Georgiërs. Bij de vuurtoren is hevig
. gevochten.
- De gevechten tussen de duitsers en de Georgiërs gingen na de bevrijding
. op 5 mei nog door. Pas op 20 mei maakten de geallieerden een einde aan
. de strijd.
- De 476 gesneuvelde Georgiërs werden na de oorlog hier begraven.


Fort De Schans:
- Voor een uitstapje naar het stervormige fort volg je het paadje aan je
. linkerhand. Wandel rond over het stervormige fort en bekijk het kanon. 
- Dit fort liet Willem van Oranje rond 1574 aanleggen om Texel en de
. rede van Texel te beschermen tegen de Spanjaarden.
. ( Er was in die tijd geen haven, dus de schepen legden buitendijks aan, ter
. hoogte van Oudeschild. Deze ankerplaats werd de 'Reede van Texel'
. genoemd. Daar lagen de schepen van de Verenigde Oost-Indische
. Compagnie (VOC) te wachten op de juiste windrichting om af te varen. )
- In de Franse tijd (1810 tot 1813) werd dit fort vergroot en nog met
. twee steunforten Lunette en Redoute versterkt.
- Door het ophogen van de waddendijk werd het stervormige fort De Schans
. gehalveerd.
. Nu is het fort gerestaureerd en zoveel mogelijk teruggebracht naar de
. situatie van rond 1813. Het is vrij toegankelijk.

Fort de Schans.


Waddendijk:

- Deze is verschillende keren opgehoogd en is nu op Deltahoogte:
. 7,45 meter boven NAP.
- De eidereend en zilvermeeuw kun je hier volop in actie zien.
. De zilvermeeuw eet graag de mosselen die gehecht zijn op basaltblokken.
. De meeuw laat de losgepikte mossel in zijn vlucht van grote hoogte op de
. stenen kapot vallen. Zo ligt het mosselvlees hapklaar op het basalt!


Fort Lunette:
- Het is een steunfort en bedoeld als flankbescherming van Fort de Schans.
- Fort Lunette bestond uit een gracht en een aarden wal.
- Mocht de vijand zich op het Skillepaadje of in Oudeschild bevinden, dan
. kon men die vanuit het fort beschieten.
- De aarden wal van Fort Lunette is rond 1930-1935 afgegraven.
- De grond werd gebruikt voor het ophogen van de waddendijk.


Büttikofers Mieland (reservaat):
- Dit reservaat is nog een stuk Texels weiland,.zoals dat in vroegere jaren
. overal gevonden kon worden, maar door. ontwatering en kunstmestgebruik
. op de meeste plaatsen verdwenen zijn.
- Het is nat grasland, waar Biezensoorten zich thuis voelen.
..Er groeit ook
Engels gras, wat duidt op een zilt karakter.
- Hier wordt pas na 1 juli gemaaid.
- Er broeden weidevogels en kluten.

- In de plasjes foerageert onder andere de watersnip. Met zijn lange, rechte
..snavel is hij, met zijn snelle, ritmische kopbewegingen, op zoek naar kleine
..waterbeestjes.
..De wilde eend, slobeend en kuifeend doen er zich tegoed aan waterplanten.
..De kokmeeuw komt ook graag in Büttikofers Mieland.

Zie ook: https://staatsbosbeheertexel.files.wordpress.com/2015/07/.....


 

 

4. Tweedaagse door het duinlandschap
.... . ( WaddenWandelen (Streekpad 4)

......


De rode streepjeslijn vormt het westelijk deel van de meerdaagse route WaddenWandelen.


De twee wandeldagen door het westelijke deel van de meerdaagse route
.. zijn erg mooi. Je loopt er door het Nationaal Park Duinen van Texel.
.. Er is veel variatie met achtereenvolgens:
.. polder, dijk, kwelder, strandvlakte, droge duinen, natte duinvalleien,
..
duinheidevelden en duinbossen.
Ze is 40 km, verdeeld over de volgende twee dagetappes:
... 't Horntje — De Koog = 21 km
... (
met de mogelijkheid van inkorting bij Ecomare, na 17 kilometer).
... De Koog — De Cocksdorp = 17 of 19 km
Als je de vele
extra uitstapjes opneemt in de route (denk aan natuur-
.. terreinen, dorpjes, musea) dan heb je wel 4 dagen nodig.
Dit deeltraject behoort tot de zeer mooie deeltrajecten van Nederland.


Routemarkering:
De
meerdaagse route WaddenWandelen is gemarkeerd in het terrein
met
een gele en een rode streep onder elkaar.
( In de kaart Texel - Staatsbosbeheer Wandelkaart 01 staat deze route ook
ingetekend met diezelfde gele en rode streep onder elkaar.)


Denk aan verrekijker:
Dit geldt voor alle wandelingen op Texel.



Rode streepjeslijn in de kaart is de meerdaagse route WaddenWandelen.
Bij strandpaal 9 hebben we een afslagkust (strandhoofden, smal strand en steile duinvoet).
Bij de Hors daarentegen een aangroeiende kust (breed, hoog strand).




De MokbaaI:
- Wie met de veerboot Texel nadert, ziet in het westen de zandvlakte van
. de Hors met erachter een duinenrij.
- De veerboot vaart pal langs de oostelijke punt van die duinenrij, genaamd
. 't Puntje, een kaap met een stenen glooiing tegen de stroming.
- Voorbij het Puntje ligt de kazerne van de mariniers en dan begint een
. inham,. de Mokbaai.
. Ze dankt haar naam aan een diepe geul midden in de baai: de Mok.
- De Mokbaai is een belangrijke foerageerplek voor watervogels.
. Bij eb scharrelen er duizenden wadvogels rond. Denk aan steltlopers,
. ganzen, eenden, meeuwen en sterns.
- Door de aanwezigheid van een (smal strookje) kwelder, wadplaten,
. een mosselbank en de diepe geul ( de Mok) wordt de baai ook wel
. omschreven als de Waddenzee in het klein.
- De Mokweg, die langs de baai loopt, is ooit aangelegd om het opwaaiende
. zand vanaf de Hors op te vangen. In de 18 de eeuw was de Mok een
. ankerplaats voor zeeschepen. Ze dreigde te verzanden door opstuivend
. zand vanaf de Hors.


De Geul:
- De Geul is een lange, natte duinvallei tussen twee duinenrijen in.
. Ze was aanvankelijk in het oosten verbonden met de zee.
. Na de afsluiting in 1921 kon er geen zoetwater uit de Geul meer naar zee
. stromen en werd de Geul steeds natter. Er is nu zelfs een duinmeer.
- Rond eind februari keren haar lepelaars terug uit Afrika. 's Zomers broeden
. er in het riet rond het meer enkele honderden paartjes.
. Het aan- en afvliegen is goed te zien vanaf het uitzichtpunt aan de Mokweg.
- De Geul is ook populair bij roofvogels als de bruine en blauwe kiekendief.
- En aan de westkant broedt een grote meeuwenkolonie. Je vindt hier
. zilvermeeuwen, stormmeeuwen en kleine mantelmeeuwen.
- Verder zijn er grote grazers: Schotse hooglanders en exmoorpony's.
- In de beschutting van deze natte duinvallei komt veel duindoorn voor.
. De vrouwelijke planten dragen in het najaar de bekende fel oranje zure
. bessen. Het is een belangrijke plant voor het duin: ze draagt bessen die
. gegeten worden door trekvogels en brengt via wortelknolletjes
. voedingsstoffen (stikstof) in de bodem. Hierdoor groeien in de buurt van
. duindoorns dichte vlierbosjes en een bodembegroeiing van brandnetels,
. bitterzoet
en braam.


De Horsmeertjes (Horspolders):
- Deze twee duinmeren vormen een verdronken duinvallei die ontstaan
..is door het leggen van een stuifdijk ten zuiden daarvan.
. Ze worden onderling gescheiden door een stuifdijk in noord-zuid richting.
- Ze hebben brede rietkragen.
- Het zijn gebieden met een bijzondere flora en fauna.
- Onder andere veel vogels. In de brede rietkragen broeden bijvoorbeeld
. bruine kiekendief, blauwborst, roerdomp en baardmannetje.
. De laatste twee soorten staan op de zogenaamde ‘Rode Lijst’, een lijst
. van bedreigde en kwetsbare vogelsoorten.


De Kreeftepolder:
- De Kreeftenpolder is een door een stuifdijk van de strandvlakte
. gescheiden natte duinvallei.
- In de Kreeftepolder bevindt zich een
stormmeeuwenkolonie.
- 'Kreeft' verwijst naar de opzichter van Rijkswaterstaat , Jaap Kreeft,
. die bij de aanleg
van de polder de leiding had.


De rode streepjeslijn is de meerdaagse route WaddenWandelen.
Hier hebben we een afslagkust. Je herkent ze aan het smalle strand, de strandhoofden
.. en de steile door de zee aangevreten duinvoet.


Het Mokslootgebied:
- Het duingebied ten westen en zuidwesten van Den Hoorn was in het begin
. van de 19e eeuw een ongestoord gebied met natte valleien en duinplassen.
. Eind 19e eeuw werden de duinen tussen de Mokbaai en de Bleekersvallei
. grootschalig ontwaterd door de aanleg van de Moksloot.
- Na langdurig agrarisch gebruik werd het gebied in 1956 ingericht als
. waterwingebied.
- Een derde grote verandering volgde, ditmaal ten gunste van de natuur:
. in 1993 werd de waterwinning beëindigd, waarna natte duinvalleien zo
. goed mogelijk werden hersteld.
- In aanvulling daarop heeft Staatsbosbeheer in grote delen. van de Vlakken
. de humeuze en verruigde toplaag laten verwijderen. Het. doel hiervan was
. om de vegetatie van de voedselarme duinvalleien weer. een kans te geven.

De Moksloot is een van de weinige duinbeken in de Nederlandse Waddenzee die zonder
.. gemaal. of sluis direct afwatert in de zee.


De Bollekamer:
- Zo heet het duingebied tussen het
Hoornderslag en het Jan Ayeslag.
- Het zijn oude duinen met veel
kraai- en struikheide.
- Het zand is er door de eeuwen heen ontkalkt geraakt.
. De mineralen zijn er door de regen uitgespoeld.
- Hier zie je geen duindoorns zoals in de jonge duinen rond de Geul en bij de
. Horsmeertjes, maar struikhei die van kalkarme grond houdt.
. Hier moet je zijn
rond de laatste week van augustus als de struikhei in
. volle bloei staat.
-
Schotse hooglanders en exmoorpony's begrazen het gebied.

(Rode streepjeslijn is de meerdaagse route WaddenWandelen.)


De Westerduinen:
- Tussen Jan Ayeslag in het zuiden en Westerslag in het noorden liggen
. de Westerduinen, die ooit onder het vroegere dorp De Westen vielen.
- Wie nu de Westerduinen bezoekt, wandelt in een tamelijk smal, droog
. duingebied met fraai gevormde hoge duinen, grillige valleien en een deels
. stuivende zeereep.
- Een terrein met een vrij ruige vegetatie en veel verspreid staande
. meidoorns en als bijzondere broedvogels blauwe kiekendief en velduil.
. Van voorjaar tot zomer roepen er wulpen met hun onmiskenbare,
. verdragende jubel.
- Aan de oostzijde liggen beboste duinen, de Dennen.


De Dennen:
- De Dennen heet het grote bosgebied tussen Den Hoorn en De Koog.
. Het is aangelegd in het begin van de 20ste eeuw op de binnenduinrand en
. de mientgronden.
- Eerst werden vooral dennen geplant, vandaar de naam. Later volgden
. loofbomen.
- Eenvoudig was dat aanplanten niet; sommige plaatsen waren te droog,
. andere te nat. Bovendien raakten naalden en knoppen uitgedroogd door
. de zoute zeewind.
- Om loofbomen te beschermen, plantte Staatsbosbeheer aan de westzijde
. soms windsingels van meidoorn, berk en lijsterbes.
- Bomen die in de luwte staan, worden veel hoger. Daarom loopt de bosrand
. van west naar oost nu schuin op.
- Inmiddels zijn de bossen gevarieerder geworden, met loofhout en een
. rijke ondergroei van o.a. varens.
- Door de aanleg van het bos is Texel verrijkt met vele nieuwe soorten
. broedvogels, zoals de zwarte mees, de grote bonte specht en de goudhaan.
. Deze soorten werden hier voor 1900 niet of nauwelijks gezien.
. Er komen ook ransuilen voor en houtsnippen, die op voorjaars-avonden
. hun baltsvlucht uitvoeren.


De Bleekersvallei:

- Ten noorden van het Westerslag ligt het tegenwoordig droge gebied van
. de Bleekersvallei. Het is weidser dan de Westerduinen en heeft oude
. uitstuivingsvalleien (mede door overbeweiding).
- De Bleekersvallei vormt een overgang naar het iets kalkrijkere noordelijke
. duin van Texel. Dat is te zien aan enkele opvallende plantensoorten,
. waaronder de keverorchis.
- Sinds 1900 is de kustlijn hier 300 m teruggeweken.


Ecomare en het Duinpark:
- Ecomare is een informatiecentrum, zeedierentuin en natuurmuseum in één.
- In de zeehonden- en vogelopvang worden hulpbehoevende dieren verzorgd.
- De zeehonden vormen de grootste attractie. Het voeren is een spectakel
. waar veel bezoekers op af komen.
- Tegenwoordig verblijven er ook bruinvissen.
- Voor meer informatie zie www.ecomare.nl.
- Het Duinpark ligt ten zuiden van Ecomare en is ingericht als voorbeeld-
. gebied voor natuurvoorlichting. Er zijn natuurpaden met informatiepanelen.
. Om het Duinpark heen zijn tuinwallen aangelegd.
- De opbouw van de vegetatie van het duin is er goed te zien:
. in de zeeduinen helm, gevolgd door struiken als braam, vlier en kruipwilg.
. Daarachter zijn de duinen begroeid met duinroosjes. In de oudere duinen
. groeien heidesoorten.


De Seetingsnollen:
- Dit hoge, droge en afwisselende duingebied is een strook van nog geen
. kilometer breed.
. ( Nol is Noord-Hollands voor duin, op Texel in gebruik voor hoog duin).
- Het bevat naaldbos, heide, hellingen met in mei duizenden duinroosjes en
. tapuiten, duinpannen vol bloemen, struikgewas met roodborsttapuit en
. vlakbij zee een door helm overgroeide zeereep met jonge vlierstruiken aan
. de lijzijde.
. Ter hoogte van De Koog wordt het zeeduin aan de strandzijde opgefleurd
. door honderden blauwe zeedistels.

(Rode streepjeslijn is de meerdaagse route WaddenWandelen.)


De Koog:
- Een paar eeuwen geleden vormden de Koogerduinen nog de meest
. noordelijke punt van Texel.
- Tijdens de 16e eeuw verzandden de geulen zodanig, dat de schepen het
. dorp niet meer konden bereiken. De bewoners verhuisden naar Den Hoorn,
. waar in die tijd het loodswezen tot bloei kwam.
. De Koog veranderde van een vissersdorpje in in een bescheiden boeren-
. nederzetting met een tiental boerderijen en een bouwvallig kerkje.
- Pas in 20e eeuw is het strandtoerisme tot ontwikkeling gekomen, waardoor
. De Koog uitgroeide tot een drukke badplaats (het 'Zandvoort van Texel').


De Muy (en de Bertusnol ):
- De Muy is een jong duingebied waar de invloed van het zoute water
. verdwenen is.
. Het is ontstaan doordat mensen vanaf De Koog in de afgelopen eeuwen
. stuifdijken hebben gebouwd om Texel met Eierland te verbinden.
- In tegenstelling tot de Slufter is de mens er hier wel in geslaagd om een
. stuk strandvlakte in te polderen:
- Doordat er later nieuwe stuifdijken op het strand zijn aangelegd, steeg het
. grondwater en ontstond het Buiten Muy.
- In de langgerekte vlakte in het centrale deel van het Muygebied liggen
. veel weilanden en een markant dennenbosje, dat het Oorlogsschip wordt
. genoemd.
. Staatsbosbeheer heeft een deel van de weilanden geplacht om de planten
. en dieren van natte duinvalleien hier weer de ruimte te geven.
. De afwateringssloot is gedempd en vervangen door een duinrel door het
. laagste deel van het gebied. Het regenwater stroomt nu minder snel naar
. zee en zakt meer naar het grondwater.
- Het gebied bezit een beroemde lepelaarkolonie en heel veel aalscholvers.
- De Bertusnol ( nol = hoog duin) werd vernoemd naar Bertus Eelman, een
. opzichter van Staatsbosbeheer.
. Vanaf dit 22 m hoge duin uitzichtpunt kon Bertus zijn werkgebied goed
. overzien.


De Nederlanden:
- Het huidige gebied de Nederlanden omvat de oostelijke helft van het
. duingebied tussen De Koog (vanaf het Mienterglopslag) en de Slufter.
- Het grootste deel van de valleien is ooit ontgonnen tot grasland.
- De meeste ontginningen zijn ruim 80 jaar later weer omgezet in natuur.
- Eind jaren 60 werd op een deel van de graslanden begonnen met
. verschralingsbeheer, waardoor orchideeën en ratelaars terugkeerden.
. In 2008 is een groot natuurherstelproject uitgevoerd. De meeste
. ontgonnen graslanden zijn geplagd en de rechte afwateringssloot werd
. omgevormd tot een licht kronkelende duinrel met glooiende oevers.
. (Deze rel wordt 'kreek'genoemd ook al ligt hij binnendijks).
. Schapen en runderen houden de begroeiing in toom.

(Rode streepjeslijn is de meerdaagse route WaddenWandelen.)


De Slufter:
- De Slufter is een 'achterduins' kwelderlandschap met bijzondere
. combinaties van soorten.
- In de kreken leven planten en dieren van brak water.
. Op de zilte en brakke kwelder is een afwisselend patroon van planten,
. van jong en laag met zeekraal tot oud grasland met Engels gras.
. In mei en juni kleurt Engels gras de vlakte helemaal roze, terwijl in de
. zomermaanden de zoutplant lamsoor een paarse gloed achterlaat.
- Het grootste deel wordt als vogelreservaat beheerd.
. De lucht is vanaf het vroege voorjaar maandenlang vol met het gezang van
. de veldleeuwerik en de roep van de tureluur.
. Er broeden onder andere scholeksters, bergeenden, eidereenden en kluten.
- Alleen het zuidelijke gedeelte is vrij toegankelijk.
- Met vloed kan de zee ongehinderd naar binnen vloeien en alle geulen
.
en kreken vullen met vers zeewater. Met eb stroomt het water weer terug
. naar zee. (Zie: getijden)
- Bij storm in combinatie met westelijke wind komt een groot deel van het
. gebied onder water te staan. Hier en daar blijven dan de kruinen van enkele
. duinen boven water uitsteken.


Een gedeelte van de Slufter (een 'achterduinse' kwelder).


De Eierlandse Duinen:
- Historisch gezien vallen ook de duinen in het noorden van de Slufter en
. rond de Hanenplas hieronder.
- Ze zijn in de middeleeuwen ontstaan op het eiland Eierland, dat in de
. 17de eeuw via de Zanddijk, een stuifdijk, verbonden werd met Texel.
. Deze duinen op Eierland zijn dus veel ouder dan de duinen bij de Muy en
. de Slufter.
- De naam Eierland komt heel waarschijnlijk van de aanwezigheid van grote
. aantallen broedende zeevogels, waarvan de eieren in de 17e en 18e eeuw
. bedrijfsmatig geraapt werden.
- De tegenwoordige Eierlandse Duinen zijn betrekkelijk arm begroeid.
. Het zand bevat veel minder kalk dan de rest van de Texelse duinen.
- De
vuurtoren is opvallend in het landschap aanwezig.
. ( openingstijden van de vuurtoren zie www.vuurtorentexel.nl )
- Op die plaats is er al vele jaren
duinafslag. Om de vuurtoren te behouden,
. is een deel van de duinen bekleed met een asfaltlaag.
..Ook werd er een
lange strekdam in zee aangelegd, waardoor er weer een
. breed strand met embryonale duintjes ontstond.
- Het eerste gedeelte wandel je over een zeer druk fietspad. Om onbegrijpe-
. lijke redenen is er nog steeds geen wandelpad aanwezig.


De Robbenjager:

....

 



Historie van het landschap

In de laatste ijstijd (80 duizend tot 10 duizend jaar geleden) was het gebied waar nu Texel ligt ijzig koud. De Noordzee lag voor een groot deel droog.
Je kon van hier zo naar Engeland lopen! In die tijd is het zand, waaruit later
de Texelse duinen zijn ontstaan, hier terechtgekomen.

Vanaf zo’n 10.000 jaar geleden werd het klimaat warmer.
De zeespiegel steeg en de Noordzee liep vol.
De golven wierpen grote zandbanken op. Deze zandbanken werden zo hoog
dat ze na verloop van tijd boven zeeniveau uitstaken.
Ze raakten begroeid met planten die nog meer zand vast hielden;
zo ontstonden er duinen. Deze duinen groeiden aan elkaar vast en vormden een beschermende wal tegen de zee.
Op Texel zaten de duinen vast aan een stuwwal uit de voorlaatste ijstijd,
die daar al 150.000 jaar lag: de Hoge Berg.
In de loop der tijd verlegden zeestromen, zandbanken en duinen zich met
grote regelmaat. Er was voortdurend sprake van duinvorming en duinafslag, totdat de mens de duinen grotendeels vastlegde.

Als een stuk strand door een rij nieuwe duinen niet meer onder directe
invloed staat van de zee, raakt het begroeid en wordt het een zogenaamde jonge duinvallei. Deze zijn beroemd om hun bijzondere plantengroei.
Een duinvallei in deze vorm blijft zo’n 20 jaar bestaan. I
n de loop van de tijd ontstaat door plantenafval een humusrijke laag op de zandbodem. Daardoor wordt een jonge duinvallei onvermijdelijk een
oudere duinvallei, met heel andere planten.
Als zo’n vallei nog veel ouder wordt, spoelt de regen alle mineralen uit de bovenste zandlaag en ontstaat een zure, voedselarme grond waar eigenlijk alleen heide kan groeien.
De heidegronden op Texel zijn in ieder geval ouder dan 200 jaar.


Invloed van de mens:

Mensen hebben een grote rol gespeeld bij de ontwikkeling van het land-
schap en de natuur in de Texelse duinen. Een groot deel van de duinen is gevormd door de aanleg van stuifdijken op het strand.
Zo is in de 17e eeuw de Zanddijk tussen Texel en Eierland aangelegd en
later westelijk daarvan nog meer zanddijken, waardoor de Muy en de
Slufter konden ontstaan.
De Mokbaai, de Horsmeertjes en de Kreeftepolder zijn ook door de aanleg van stuifdijken ontstaan.
Eind 19e eeuw werd de Moksloot gegraven om het zuidelijke duingebied te ontwateren voor de landbouw.
Ook de aanleg van duinweiden en het aanplanten van bos heeft grote
invloed gehad.
Bovendien zijn dieren (bijvoorbeeld konijnen, katten en fretten) en planten (bijvoorbeeld sneeuwklokjes en bosanemonen) van elders ingevoerd.

 

 

 

Flora:

De verschillende gebieden binnen het Nationaal Park hebben allen hun
eigen specifieke flora. Het voorkomen van planten wordt beïnvloed door factoren
als vocht, kalkgehalte, zout en blootstelling aan de zon en wind.
De jonge duinen dichtbij het strand bevatten naar verhouding veel kalk en
zijn voedselarm. Hier is vooral helm een veel voorkomende plant. Op de
luwe plaatsen groeien duindoorn en vlier.
De oudere verder landinwaarts gelegen duinen zijn kalkarm en voedselrijker. Hier kunnen heidesoorten groeien soms met duinroosjes.
Bomen en struiken hebben het nergens in de duin gemakkelijk.
Bosjes die boven de duinen uit komen worden onmiddellijk ‘afgeschoren’
door de zoute zeewind, die aan de bosjes dezelfde gladde en ronde vormen geeft als aan de duinen zelf.

In de duinvalleien vinden we andere plantensoorten dan op de duintoppen. Afhankelijk van de grondwaterstand vinden we planten die van vocht
houden: waternavel, watermunt, de zeldzame parnassia en orchideeën.

De zuid- en de noordhelling van een duin hebben een totaal verschillende plantengroei.
De planten op de zuidhelling hebben het zwaar te verduren. De temperatuur wisselt zeer sterk en kan soms oplopen tot 50 graden Celsius. Op deze hete, droge hellingen staat veel buntgras en groeien mossen en korstmossen.
De noordhellingen liggen in de schaduw en blijven daardoor veel koeler en vochtiger. Daarop vind je veel meer planten, weelderige mossen en
eikvarens.

De meest geplante bomen in De Dennen zijn de Corsicaanse en de Oostenrijkse den, variëteiten van de zwarte den. Daarnaast zijn ook grove dennen, beuken, eiken en vele andere soorten bomen geplant.
Berken en lijsterbessen zijn spontaan verschenen.
De struiklaag bestaat vooral uit bramen, kamperfoelie en Amerikaanse vogelkers.
Door het uitdunnen van het bos komt er meer licht op de bodem.
Hierdoor kunnen zaden van jonge bomen en struiken ontkiemen, waardoor
de struiklaag dichter wordt.

Het uitgestrekte natuurgebied De Slufter neemt een aparte plaats in.
Door een opening in de duinenrij kan het zeewater deze vlakte binnen-
dringen. De zoutverdragende flora omvat soorten als lamsoor, Engels gras, zeealsem en zeekraal. 

Fauna:

De waarde van Texel als vogeleiland wordt vooral bepaald door de rijkdom aan vogels in het duingebied. Jaarlijks broeden er ongeveer 80 soorten, waarvan de lepelaar, dwergstern en de velduil tot de zeldzaamste behoren
en de kleine mantelmeeuw de talrijkste is.
Er zijn vele vogelexcursies te volgen. Kijk op www.vogelexcursiestexel.nl

Het aantal zoogdieren op Texel is door de geïsoleerde ligging klein.
Op Texel leven: hermelijn, konijn, haas, bruine rat, egel, vijf muizensoorten (o.a. de noordse woelmuis).

Van de amfibieën kunt u de bruine kikker en de heikikker, de rugstreeppad
en de kleine watersalamander op Texel aantreffen. De groene kikker is via tuinvijvers geïntroduceerd en rukt ook op in het Nationaal Park.


. ... . ... .